Elektrochemische cel (jodide/permanganaat)
(CoachLab)

Datum:  December 2025

Principe:

Elektrochemische reactie van permanganaat en jodide.
Ik heb deze U-buis enige tijd geleden bij AliExpress gekocht en vond het tijd worden eens een experiment te doen. Het artikeltje in Archimedes was de trigger.

Materiaal:

  • kaliumjodide oplossing (1 mol/l KI)
  • Kaliumpermanganaat (KMnO4)
  • Natriumnitraat (NaNO3)
  • Watten
  • Zetmeel (stijfsel)
  • Reageerbuis
  • Reageerbuishouder
  • Spiritusbrander
  • Spatel
  • Schaar
  • Schuurpapier
  • Pipetten
  • U buis
  • Grafietelektroden
  • Kabels met klemmen
  • Demiwater
  • Balans / weegschaal
  • Coachlab
  • Temperatuursensor
  • Voltagesensor
  • PC met Coachlab software
  • Multimeter

Temperatuur sensor

Voltage sensor

Uitvoering:

  • Schuur de grafietelektrodes voorzichtig op met schuurpapier
  • Verbind de kabels die aan de grafiet elektrodes zitten met de voltage sensor en de voltage sensor met de  Coachlab
  • Maak een 10% oplossing van Natriumnitraat in water
  • Giet deze in de u-buis
  • Plaats in beide benen een propje watten en zorg dat dit juist onder het oppervlak van de zoutoplossing blijft zitten
  • Maak een oplossing van kaliumpermanganaat (0.235 g in 10 ml water)(0.15 mol/l). Voeg daar enekel druppels geconcentreerd zwavelzuur aan toe.
  • Maak een 5% kaliumjodide oplossing (0.5 g KI in 10 ml water)(0.3 mol/l)
  • Maak een verse zetmeeloplossing door een mespuntje zetmeel in een halfvol met water gevulde  reageerbuis te brengen en deze aan enkele minuten te laten koken en daarna weer af te koelen

  • Meng de jodide oplossing met de zetmeel oplossing 1:1
  • Pipetter nu, zo gelijktijdig als mogelijk is, de permanganaatoplossing in het ene been van de U-buis en de jodide/zetmeeloplossing in de andere dusdanig dat het vloeistofniveau ca. 2 cm onder het einde van de buis stopt.
  • Probeer er voor te zorgen dat er geen luchtbellen in de buis zitten.
  • Start zo snel mogelijk de Coachlab meting (180 min, 1 meting elke 5 s)
  • Breek bij een herhalingsexperiment het experiment af en meet de stroomsterkte m.b.v. de multimeter.

Resultaat:

Onderstaande afbeelding is een screenshot van het Coachlab scherm. De data is geëxporteerd als tekstfile voor verdere analyse in Excel.
Een grafiek van het spanningsverloop gedurende 3 uur laat zien dat de spanning die geproduceerd wordt zeer stabiel is.

De grafiek laat ook zien dat ik de spanningssensor omgekeerd heb aangesloten.

Aan de + kant (rechterkant) zien we langzaam een donkerbruine kleur gevormd worden hetgeen aangeeft dat er jood gevormd wordt

De multimeter meet na ca. 2 uur een stroomsterkte van ca. 3.3 mA.

Discussie en conclusie:

Een reductor staat elektronen af (elektronendonor) in een reactie, waardoor het zelf geoxideerd wordt, terwijl een oxidator de elektronen opneemt. Dit proces van elektronenoverdracht heet een redoxreactie.

De standaard halfreacties van deze koppels zijn:

1.   I2 + 2e-  -->  2I-                                      Eo =  0.54 V
2.  MnO4- + 8H3O+ + 5e- --> Mn2+ + 12H2O    Eo = 1.51 V

Bij deze elektrolytische redoxreactie reactie wordt jodide geoxideerd aan de anode terwijl water gereduceerd wordt aan de kathode volgens:

                              2I---> (aq) I2(s) + 2e-     Eo =  -0.54 V
  MnO4- + 8H3O+ + 5e- --> Mn2+ + 12H2O      Eo = +1.51 V
-----------------------------------------------------------------------
netto  reactie:

10I-(aq) + 2MnO4- + 16H3O+  --> 2Mn2+ + 5I2(s) + 24H2O

De vorming van jood is op zich al zichtbaar door de vorming van een lichtbruine kleur. De zetmeel fungeert echter als indicator en geeft aan dat er jood gevormd wordt door donker (bijna zwart) van kleur te worden.

Bij deze elektrolyse reactie geeft het gebruik van indicatoren inzicht in de reacties die plaatsvinden aan de elektrodes. We kunnen echter ook redenerend tot dit inzicht komen.

Anode reactie (+) (I- is elektronen donor, reductor):

2 I– (aq) --> I2 (g) + 2 e–                        (1) Eo = -0.54 V

Kathode reactie (-)(MnO4- is elektronen acceptor, oxidator):

MnO4- + 8H3O+ + 5e- --> Mn2+ + 12H2O   (2) Eo = +1.51 V 

De Eo waarde van reductie reactie (1) is kleiner dan die van reactie (2), hetgeen betekent dat reactie (2) preferentieel plaatsvindt aan de kathode.

De elektrochemische cel die we gebouwd hebben kunnen we schematisch als volgt omschrijven:

C |MnO4- (0.15 M) | I- (0.15 M) | C

C staat voor de koolstofelektrodes

De EMK (elektromotorische kracht) van deze cel is dan:

E =  1.51 - 0.54 = + 0.97 V

Deze berekende waarde komt zeer goed overeen met de gemeten waarde. Deze berekening is alleen gebaseerd op de normaalpotentialen, niet op berekeningen met de Nernstvergelijking. De concentraties van de verschillende component zijn daarom niet verwerkt alhoewel de geschatte bijdrage daarvan in deze berekening ca. 1-10 % relatief is.
 

Berekenen van de evenwichtsconstante

Met de wet van Nernst:

Eo is de normaalpotentiaal (V)
F = Faraday constante – 96500 C/eq
T is de absolute temperatuur (K)
n = aantal elektronen die bij de reactie betrokken zijn.

Als P=1 atm en a=1 kan de Nernstvergelijking getransformeerd worden in de logvergelijking en kunnen we schrijven.

De reactie zoals deze verloopt levert de omgekeerde evenwichtsconstante op.

De evenwichtsconstante wordt dan: K = 10162 hetgeen impliceert dat het thermodynamisch evenwicht naar rechts licht, hetgeen we ook observeren. Deze berekening geeft geen informatie over de kinetiek van de reactie, de snelheid waarmee de reactie verloopt.

 

Opmerkingen:

  • In plaats van kaliumpermanganaat kan men ook kaliumdichromaat (K2Cr2O7) of aangezuurd waterstofperooxide (H2O2) gebruiken. In plaats vaan jodide kan men een sulfiet bv Na2SO3 gebruiken.
  • Het voordeel van de gebruikte stoffen is dat men aan de kleurveranderingen kan zien welke reactie plaatsvindt.
  • Excel file : Meetresultaten

Literatuur:

  • Archimedes; 9 2 1972;  "Scheikundige reacties op afstand"; p.28,29.
  • "Binas"; Wolters-Noordhof; 1992; ISBN 9001893724; p. 92,93.
  • Allen J. Bard, Larry L. Faulkner; "Electrochemical Methods"; John Wiley & Sons; 1980.
  • F. Freese, W.E. van der Linden; "Elektrochemische Analysemethoden"; Agon Elsevier; 1971; ISBN 9010102408.
  • A. Morgan; "Op avontuur in de elektrochemie" ; Centrex; 1964 (1958).
  • G. Milazzo; "Electrochemistry"; Elsevier; 1963.

Relevante websites:

Minder relevante websites:

Achtergrondinformatie:

Om elektrodeprocessen te kunnen bestuderen is het noodzakelijk de beschikking te hebben over een elektrochemische cel. Deze bestaat in zijn eenvoudigste vorm uit twee geleiders (elektroden) geplaatst in een vat gevuld met elektrolytoplossing. Bij stroomdoorgang door een dergelijke cel vinden aan de elektroden reacties plaats waarbij de lading in de vorm van elektronen of ionen het grensvlak elektrode/oplossing passeert. De elektrode waaraan oxidatie plaatsvindt wordt anode genoemd, de elektrode waaraan reductie plaatsvindt heet kathode.
Voor de anodische reactie kunnen we schrijven (e = elektron):

red1 <=> ox1 + n e

Voor de kathodische reactie:

ox2 + m e <=> red2

De bruto celreactie wordt dan:

m red1 + n ox2 <=> m ox1 + n red2

Stroomdoorgang kan alleen plaatsvinden indien er een gesloten circuit bestaat. We moeten beide elektroden daarom uitwendig met elkaar verbinden. Levert een elektrochemische cel bij het tot stand komen van dit elektrisch contact spontaan stroom, dan spreken we van een galvanische cel. In dit geval wordt de chemische energie omgezet in elektrische energie (accu!). Indien daarentegen een uitwendige spanningsbron moet worden aangesloten om stroom door de cel te doen vloeien, dan spreken we van een elektrolytische cel. Hierbij wordt elektrische energie omgezet in chemische energie (accu opladen). De celreactie verschilt alleen daarin van een normale redoxreactie in oplossing, dat de elektronen nu niet direct van het ene deeltje op het nadere worden overgedragen maar via een uitwendig circuit.


02/01/2026